Opstelling
Posities 1 en 3 zijn opgegeven coördinaten. Posities 2 en 4 zijn lineair geïnterpoleerd op de rij.
Kaart
Klik op de kaart om een eigen meetpunt te zetten
Slagschaduw per jaar
Geluidscontouren
Momentopname
LIB-hoogte
Slagschaduwjaar berekenen…
Ondergrond © OpenStreetMap-bijdragers (ODbL). Turbineposities 52.399371/4.666093 en 52.401507/4.664732.
Ontvanger Afstand Peiling Waterpad
Slagschaduw worstcase Verwacht Dagen >20 min
Lp nu Winst door water Achter- grond
Hoorbaar- heid Lden Lnight
Jaarklok
elke kolom is een dag, elke rij een klokuur
Zicht vanaf dit punt
de zon en de rotor op het gekozen moment, gezien op ooghoogte
Slagschaduw is geen schaduw die stilstaat maar een zon die om de zoveel tellen even wordt afgedekt. Hoe hinderlijk dat is hangt er vooral van af hoeveel van de zonneschijf een blad wegneemt. Vlakbij is een blad breder dan de zon en gaat het licht helemaal uit; op afstand is het blad smaller dan de zon, blijft er altijd een rand licht over en verandert de flikkering in een nauwelijks merkbare rimpeling. Het venstertje rechtsboven vergroot de zon uit, omdat die in het brede beeld maar een halve graad groot is. De rotorstand is standaard recht op de zon gezet, wat het ongunstigste geval is; met een vaste windrichting staat het rotorvlak vaak schuin en valt er veel minder af te dekken.
Hoe klinkt dat op deze afstand
Het geluid wordt hier opgebouwd uit dezelfde octaafbanden als de tabel: breedbandige ruis per band op het berekende immissieniveau, een zwiep op de langsloopfrequentie van de bladen, en bij een turbine met tandwielkast een tonale component. De absolute luidheid hangt af van je eigen volumeknop, dus dit is een vergelijking tussen situaties en geen gekalibreerde meting. Zet je volume zo dat “alleen achtergrond” net hoorbaar is, en wissel dan.
Slagschaduw. Zonnestand per minuut over een heel jaar. De rotor is gemodelleerd als bol met straal gelijk aan de rotorstraal, wat het maximum is over alle rotorstanden. Geen bewolking, geen obstakels, geen begroeiing. De kolom “verwacht” is het worstcase maal de correctiefactor.
Geluid. ISO 9613-2 in acht octaafbanden van 63 tot 8000 Hz, met een A-gewogen turbinespectrum, geometrische uitbreiding, luchtabsorptie per band en het bodemeffect Agr volgens tabel 3 van de norm. De bodemfactor G volgt uit het aandeel waterpad: water is akoestisch hard (G = 0), weiland zacht (G = 1). Water werkt op drie manieren door: de reflectie versterkt in plaats van te dempen, er is geen afscherming door begroeiing of bebouwing, en het achtergrondniveau ligt lager. De kolom “winst door water” toont het verschil met een volledig landpad. De meteocorrectie Cmet volgt de norm met C0 = 0 bij meewind of een stabiele nacht, 2 bij dwarswind en 5 bij tegenwind. Lden en Lnight zijn schattingen op basis van een Weibull-verdeling met k = 2 en dezelfde verdeling in alle perioden.
Waterpad. Het aandeel water wordt per turbine en per ontvanger uit de kaartondergrond gehaald: langs de rechte lijn wordt elke pixel op waterkleur getoetst. Dat is grover dan een echte GIS-analyse en telt smalle sloten mee, maar het haalt de schatting uit de discussie.
LIB. De maatgevende toetshoogte (art. 2.2.2), de radartoetshoogte (art. 2.2.2a) en de navigatievlakken gelden naast elkaar en zijn uitgedrukt in meters boven NAP. Doorsnijding is geen bouwverbod: bij de maatgevende hoogte kan de gemeente een verklaring van geen bezwaar aanvragen, bij radar is een positief advies van de ILT bindend. Het vogelvrijwaringsgebied (art. 2.2.3) is wel een hard verbod voor windturbines met een ashoogte boven 35 m. Maaiveldhoogten komen uit het AHN.
Toetsing. Slagschaduw: artikel 4.428 Bkl, stilstandvoorziening bij meer dan zeventien dagen per jaar met meer dan twintig minuten. Geluid: 47 dB Lden en 41 dB Lnight .
Zicht vanaf het punt. De rotor staat hier als drie echte bladen in een vlak, niet als bol. Van de zonneschijf worden vierentwintig punten getoetst, zodat de halfschaduw meetelt: een blad dat smaller is dan de zon dooft het licht nooit helemaal. De bladbreedte loopt van 1,6 maal de opgegeven effectieve breedte bij de wortel tot 0,4 maal bij de tip. Mast en gondel doen mee, maar hun schaduw staat stil en wordt apart genoemd. Terreinhoogte en begroeiing blijven buiten beschouwing, net als in de jaarberekening.
Geluidssimulatie. De weergave is opgebouwd uit dezelfde octaafbanden als de tabel, met een zwiep op de langsloopfrequentie van de bladen en, bij een turbine met tandwielkast, een tonale component. De EWT DW61 is direct drive en heeft die component niet, de NEG Micon NM54 wel. Er zijn geen opnamen ingesloten: de absolute luidheid van een opname hangt af van microfoon, windruis en afspeelvolume en is daardoor niet vergelijkbaar. De synthese is wel gekoppeld aan de berekende immissie, zodat de vergelijking tussen water en land, tussen afstanden en tussen turbinetypes klopt.
Let op. Dit is een verkenningsmodel om te zien welke parameters ertoe doen, geen vergunningsonderzoek. Bronvermogens van de turbinetypes zijn indicatieve gepubliceerde waarden en verschillen per uitvoering en per modus.